Presentatie tien terpen in Dantumadeel

Les 1. Verzamel zoveel mogelijk informatie en maak daarvan een samenvatting. Deze samenvatting lever je in bij je werkboek.
Les 2. Verdeel de klas in vier groepen. Elke groep doet een deel van de presentatie. Hier volgt een idee voor de taakverdeling over de groepen. Natuurlijk kun je het zelf ook helemaal anders aanpakken.

Groep 1. Deze groep zorgt voor de PowerPoint, zij geven tussen de stukjes door met behulp van PowerPoint algemene informatie en zijn de verteller. Praten de onderdelen aan elkaar. Deze groep schrijft eerst nauwkeurig uit wat ze gaan vertellen. Bij de echte presentatie doen ze dit uit het hoofd.

Groep 2. Zit op een paar bij elkaar geschoven tafels op het toneel. Dit is de Driesumer terp. De groep zit bij een vuur bijelkaar te praten, eten drinken. Het is slecht weer. Het water staat hoger dan anders. Ze praten over een overstroming op de terp van Dokkum. Ze besluiten om de terp weer te gaan verhogen en bespreken.

Groep 3. Spelen het bezoek van Plinius aan een terp na terp na. Hiervoor kun je de maquette van de terp die jullie gemaakt hebben gebruiken. Maak er een gesprek van met Plinius en eventueel nog een Romein.

Groep 4. Speel het afgraven van de Driesumer terp na. Verwerk in je toneelstukje bijvoorbeeld de vondst van de Romeinse munten in 1895 (zie blz. 5 boek).

A - Elke groep gaat eerst brainstormen om ideeŽn te verzamelen.

B. Elke leerling schrijft zelf de presentatie (groep 1) of een toneelstukje aan de hand van de verzamelde ideeŽn. Dit papier lever je in bij je werkboek.

C. Zoek kleding uit die tijd /  een paar spelletjes / of speel / zing een liedje uit die tijd /  zorg in de PowerPoint voor een stukje video over het onderwerp / doe een maaltijd uit die tijd na / hoe leefden kinderen in die tijd / laat dingen zien / enzovoort.

Les 3. Lees elkaars geschreven toneelstukjes, verzamel goede stukjes en ideeŽn en maak daarna jullie gezamenlijk toneelstukje. Schrijf een rolverdeling of taakverdeling en bespreek wat voor kleding en materiaal je nodig hebt en wie daar voor zorgt.
Les 4. Oefen het toneelstukje met je groep. Als er tijd over is dan speelt elke groep even het stukje voor de eigen klas.
Les 5. De generale: Speel het geheel een paar keer en zorg ervoor dat het lekker vlot loopt en iedereen precies weet wanneer hij/zij wat moet doen of zeggen.

Bij de beoordeling door de andere klassen wordt op de volgende punten gelet.

  goed matig slecht
Zet bij elk onderdeel ťťn kruisje in ťťn van de vakjes 5 punten 2 punten 0 punten
1. Pakkend begin      
2. De hoofdpunten worden genoemd      
3. Naar de zaal gericht      
4. Duidelijk te volgen      
5. Niet te gehaast      
6. Kleding uit die tijd      
7. Hoe was het toneelspel      
8. Doen ze een beroep op gevoelens      
9. Is het goed verstaanbaar      
10. Enthousiasme      
11. Wordt (bijna alles) uit het hoofd gedaan.      
12. Hoe is de houding      
13. Afwisseling      
14. De PowerPoint      
15. De maquette      
16. Een originele afsluiting      
17. Extra dingen zoals een lied, een spel       
18. Deed de hele klas goed mee      
19. Ziet alles er verzorgd uit      
20. Totale indruk van de presentatie      
       

Tel alle punten op. Je kunt maximaal op 100 punten uitkomen.

Welk cijfer geef je?  cijfer:............

Wat vond je goed?   ...................................................................................................................   

                                ......................................................................................................................

Wat vond je niet goed? .................................................................................................................

                                ......................................................................................................................

Wat zou je anders gedaan hebben en hoe dan?                                                                            

                                .......................................................................................................................

Voor de presentatie van klas 1 zoek je kleding die op middeleeuwse kleding lijkt. Hier zie je een paar tekeningen van middeleeuwse kleding.

Dit is de kleding van een visser en z'n vrouw.

En hier zie je een schets van boeren en boerinnen.

Bestudeer ook de middeleeuwse kleding op dit schilderij van Breughel (de jongere).

Voor de presentatie van klas 2 kun je voor de kleding in het boek kijken of op het internet.